Ik krijg een foto ge-appt van aantekeningen uit 5 VWO. Niet die van mij, maar het had zomaar gekund. Nee, vriendin en collega-ondernemer Anneke Laverman stuurde ze mij. Ook al zijn dit aantekeningen uit haar schrift voor Nederlands: ik ben gelijk terug in de les Latijn. ‘Mater in hortus sedet’ is de eerste zin die ik leer, ‘moeder zit in de tuin.’ Naamvallen stampen, werkwoordvervoegingen leren, oude Latijnse teksten vertalen. Dat verdraag ik, zeg maar. Maar ik verheug me vooral op iets anders.

 

De cultuurlessen over die ouwe Romeinen. Dát is smullen! Hoe de politiek in elkaar zat. Hoe ze leefden, woonden en kookten. Waarom ze die malle soepjurken droegen. Dat ze met die dingen aan uit hun hoofd een client in de rechtbank verdedigden. Over de gevangenen die tegen leeuwen moesten vechten, over het sporten in het ‘gymnasium’ wat ze (=mannen) in hun blootje deden en over de meer dan fantastische akoestiek in de theaters van die tijd: als je op het toneel stond kon iedereen je tot aan de bovenste rij met gemak horen. Oók als je fluisterde.

 

Ze speelden in die theaters voornamelijk tragedies, om het publiek iets te leren en te waarschuwen voor de ellende in het leven. En rond de pauze werden er komedies gespeeld om het volk te vermaken. Die Romeinse komedies heb ik niet gelezen, wel een aantal Griekse. Dat was zes jaar later op mijn opleiding tot Docent Drama.
Deze Griekse komedies zijn verbazingwekkend plat en grof met bij voorkeur veel seksgrappen en een hoog poep- en piesgehalte. Laat ik daar nou van houden!

 

Goed, ik dwaal af, terug naar die aantekeningen, want daar staan een paar dingen op die ik gelijk herkende, maar waarvan ik het verband niet helemaal meer snap. Dus dat heb ik voor je uitgezocht.
Er staat iets in over de ontstaansgeschiedenis van het woord humor. ‘Humor’ komt van het Latijnse ‘humores’, wat lichaamsvochten betekent. Ze dachten in de klassieke oudheid dat de samenstelling van vier verschillende lichaamssappen bepaalden wat voor karakter je had. Dat werd de humeurenleer genoemd. Wat tegenwoordig DISC heet of het MBTI-model, hadden de Romeinen al een eigen indeling voor bedacht.
Heb je vooral bloed als lichaamsvocht, dan ben je sanguïnisch oftewel vurig en energiek.
Je bent flegmatisch als slijm de boventoon voert, je bent dan kalm, aandachtig, rationeel.
Cholerische types hebben een boventoon van gele gal en zijn ambitieus, rusteloos, extravert.
Tot slot degenen met een grote hoeveelheid zwarte gal, die zijn serieus, introvert, neerslachtig. De melancholische types.
Goed, humor betekende eerst dus eigenlijk humeur. Maar hoe heeft het dan onze betekenis gekregen van iets wat vrolijkheid opwekt, vatbaarheid voor vrolijkheid?
Dat zit zo. In het Engels betekende ‘humour’ eerst ook humeur. Maar toen de Engelse dichter en toneelschrijver Ben Jonson (1572-1637) zijn toneelstuk ‘Every man in his humour’ (1598) speelde, heeft hij onverwachts die nieuwe betekenis ontketend. Hij maakte de ‘humours’ (grillen, luimen) van zijn hoofdpersonen belachelijk door steeds één ervan enorm uit te vergroten. Hij had daarmee per ongeluk een nieuw toneelgenre bedacht, de zogenaamde ‘comedy of humours’. Daardoor kreeg het woord humour de betekenis van die bepaalde levensinstelling van ‘de neiging het vrolijkmakende in een situatie te benadrukken’.
Vanaf de 18e eeuw speelde deze verschoven betekenis van humour bij veel Engelse schrijvers een belangrijke rol. Vandaar dat het woord in deze betekenis vervolgens niet alleen in het Nederlands is overgenomen, maar ook in andere talen terecht is gekomen, bijvoorbeeld het Frans ‘humour’ (naast het oude humeur) en in het Duits ‘Humor’.
Dus zo zit het met het woord humor.
Wat ik zo gaaf vind is dat die ouwe Romeinen toen al in het snotje hadden wat de functie was van humor (zie laatste punten van de aantekeningen). En die is nog steeds rete-actueel!
Humor zorgt voor ontspanning, als een uitlaatklep voor stress en emoties. Humor helpt je om even te ontsnappen aan de harde realiteit. Het heeft een spiegelfunctie, oftewel het confronteert je met je eigen tekortkomingen. Met humor kun je kritiek leveren op de maatschappij met een knipoog. En je kunt humor inzetten als verzet.
Wat ik daar nog aan toe wil voegen is dat humor ervoor zorgt dat klanten eerder van je gaan houwe, omdat jij je van je lichte kant laat zien. Vinden ze vetsupercool.
P.S. Trouwens, ik ben laatst in het Engels geïnterviewd door Heiko Link van de podcast ‘Business Lemonade’. Gaaf om te doen! Over hoe je pijn in humor kunt gieten, hoe meditatie me helpt bij het maken van humor en ik heb blijkbaar zoveel interessants gezegd dat hij voor het bijbehorend blog niet kon kiezen uit het aantal ideeen, haha! Je kunt de podcast ‘Failing is fun: Wie Du Schmerz mit Humor kombiniert’ hier luisteren.
Afbeelding van Andrew Martin via Pixabay
Deel hier dit bericht:
Wat hebben gal en slijm met humor te maken? Het is minder goor dan je denkt.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.